Al weer twee weken geleden heeft W.V. De Wieltanden deelgenomen aan de Boogies Extreme. Edgar, Bom, Paul en ik zelf gingen voor de route van 160km door Zuid-Limburg en de Voerstreek.
Het was prachtig weer met een stralende zon en temperaturen oplopend tot zo'n 25 graden! Paul en ik twijfelden of we vandaag de afstand wel zouden kunnen overbruggen, terwijl Bom benieuwd was of de extra kilo's hem parten zouden spelen. Edgar, sja, Edgar daar hoeft niemand zich druk over te maken.
Het goede weer maakte dat ik heel gemotiveerd aan de rit begon. De eerste kilometers kennen geen echt zwaar klimwerk, maar het gaat natuurlijk wel continue op en af. Het tempo zat er lekker in en deed het me goed om Bom zich hardop af te horen vragen of het allemaal niet wat te snel ging (tuurlijk niet!). Waar Edgar steevast op kop reed ging ik goed mee op de korte klimmetjes met Bom dan weer net voor me, of net achter me. Paul reed zijn eigen tempo en gaf telkens enkele seconden toe.
Helaas ken ik het parcours totaal niet en de klimmen gingen naamloos aan me voorbij. Bij een wat langere zwaardere klim zo'n 10km voor het eerste rustpunt had Bom zich hervonden en verhoogde hij het tempo. Ik kroop in zijn wiel en Edgar in het mijne. Ik moest er echter duidelijk voor in het rood (ging zelfs naar max hartslag 194) en niet lang nadat Edgar het "Wieltanden treintje" had geroemd, moest ik lossen. Het kostte me aardig wat tijd om hiervan te herstellen. De mannen vooraan reden door en het verschil met Paul bleek te groot voor hem om te overbruggen. Hierdoor kwamen we versplinterd aan bij het eerste rustpunt.
De temperatuur zorgde voor een verhoogd waterverbruik en er was dan ook een aardige file voor de watertank. Ik verbaasde me in positieve zin over de orde die heerste, doordat er netjes 2 aan 2 gewacht werd en de rij toch al wel zo'n 60 meter lang was. De sfeer was goed en we konden zo nu en dan genieten van de lekkere brandlucht die werd veroorzaakt door de Belg die zijn puin liever verbrandde dan in de vuilcontainer stopte die ernaast stond.
Nadat we weer volgetankt en weer op weg gingen voelde ik me een stuk minder lekker. Ik zag er ook tegenop om nog eens 80km te moeten rijden, zeker met de zware finale die we voorgeschoteld zouden krijgen. In die kilometers besloot ik dan ook al om zo snel als we weer in Nederland waren een stuk af te snijden en rechtstreeks naar de camping te rijden. De drang naar vrouw/kind/luieren voor caravan was veel groter dan mijn zin om af te zien. Maar er moest tot die tijd sowieso nog aardig wat kilometers afgelegd worden.
Tijdens de volgende beklimmingen werd al snel duidelijk dat ook bij Paul er het beste wel af was. Bom had ook een wisselende dag en moest door krampneigingen mij zelfs voorlaten. Om het tij te keren wist Bom een lekke band te veinzen en stopten we op een mooie plek. Ik deed de term "een welletje" eer aan door languit op het kleine stukje gras te gaan liggen. Daar deelde ik ook mijn gedachten om niet heel de rit uit te rijden. Bom kon het niet geloven, want van opgeven wil hij liever niets horen. Paul daarentegen had eenzelfde gevoel. Hij zou de snelste weg naar de parkeerplaats in Valkenburg nemen.
Na dit intermezzo vertrokken we voor de laatste kilometers in Belgi?Op de klimmetjes kon ik niet meer explosief mee, maar op de wat vlakkere stukken vond ik dat er maar truttig werd gereden. Tot mijn verbazing was ik me niet veel slechter gaan voelen, maar ik was vooral opgelucht dat ik over niet al te veel km's gewoon lekker kon gaan uitrusten, i.p.v. me volledig kapot te rijden op die kuitenbijters. Na een laatste pauze net over de grens in Nederland gingen we op weg naar Epen waar ik van de route af zou wijken. Edgar reden al snel los van Bom en Paul. Zo lang het niet te steil werd kon ik het (ingehouden) tempo van Edgar nog wel volgen, maar op de steilere stukken ging de snelheid er volledig uit.
Na 130km kwam ik solo aan bij de camping. Moe, maar verre van uitgeput. Ik had ook een voldaan gevoel, want ik had toch maar weer een mooie afstand gereden met aardig wat klimwerk erin. Het vervelende lichamelijke gevoel dat ik tot aan de zomervakantie had, kon ik nu definitief achter me laten. Natuurlijk was het jammer dat ik niet op de Cauberg kon strijden voor de winst onder de Wieltanden, maar zo diep wilde ik gewoonweg niet gaan.
De komende maanden zal er waarschijnlijk weinig buiten gefietst worden. De TACX daarentegen ga ik zeker regelmatig gebruiken. Vandaag heb ik de Colma di Sormano gereden, die ook in de ronde van Lombardije is opgenomen. Een mooie gelijkmatige klim die niet al te steil is en mij wel ligt. Daar ga ik de komende weken proberen mijn kracht (en conditie) op te verbeteren!